|
1800 - Openbare verkoop door de Fransen van de "Gasthuis-hoeve", eigendom in Moorslede van de zusters.
1801 - Concordaat tussen Franse keizer Napoleon en paus Pius VII. Het bisdom Ieper wordt, samen met dat van Brugge afgeschaft. Moorslede maakt nu deel uit van het bisdom Gent (tot 1834), binnen de dekenij Ieper.
1815 - Oprichting van een betalend Franstalig meisjespensionaat, naast de Armenschool.
1818 - Bouw van een volledig nieuwe Armenschool. Start van een reeks onafhankelijke stichtingen: spinschool in Gijzegem (1818), een hospitaal in Dadizele (1823), in Moorslede (1825), in Zevekote (1827) en in Klerken (1829).
1826 - Opening van een betalende Franse lagere school voor externen.
1829 - Begin van dovenonderwijs in de Armenschool, op initiatief van pastoor Karel Verhelst, uitmondend in een aparte dovenschool (1834) - de eerste in West-Vlaanderen - , geleid door Zr Constantia Doorme.
1834 - Moorslede valt onder het nieuwe bisdom Brugge, binnen de dekenij Ieper.
1837 - De dovenschool verhuist naar Ieper en gaat het jaar daarna dicht, na het overlijden van Zr Constantia.
1838 - In de Armenschool komt een spellewerkklas tot stand.
1839 - Moorslede gaat over van de dekenij Ieper naar die van Menen (bisdom Brugge).
1842 - Door de eerste Organieke wet op het Lager Onderwijs worden subsidies toegekend aan de lagere scholen en aan de zusters-onderwijzeressen.
1845 - De Brugse bisschop Boussen komt naar Moorslede voor de inwijding van de nieuwe kloosterkapel.
1846 - Inkleding en plechtige geloften van de 18 zusters, die voortaan een diocesane congregatie vormen.
1851 - Oplegging van een diocesane regel door Mgr Malou van Brugge.
1856 - Oprichting van een eerste filiaal (= bijhuis, afhankelijk van het moederhuis in Moorslede) met school in de wijk Slypskapelle (tot 1975).
1861 - Hereniging van de communaiteit van het hospitaal van Moorslede met het klooster. Voortaan is er ook opvang van weesmeisjes. En een bewaarklas opent haar deuren in de lagere school van het centrum.
1867 - Zr Séraphine Verschave (de latere algemene overste, van 1899 tot 1902), wordt als 1ste van een hele reeks naar de St.-Andreasnormaalschool in Brugge gestuurd voor het behalen van een diploma lager onderwijs.
1868 - Aanbouw (gedurende 2 jaren) van bijkomende gebouwen voor de kostschool.
1875 - Op "de Koekuit" gaat de St.-Jozefwijkschool van start. 1878 - Aankoop van het huis van juffr. Virginie Holvoet aan de overzijde van de Dadizelestraat, bij de ingang van het Kasteelhof.
1883 - Start van een klooster- en schoolfiliaal in Zonnebeke, door fusie met een plaatselijke communauteit van zusters.
1884 - Oprichting van een schoolfiliaal in Pollinkhove (tot 1951) en in Westouter (tot 1936).
1889 - Begin van een filiaal in Waardamme (tot 1993). Datzelfde jaar komt de parochie Moorslede in de dekenij Roeselare (binnen het bisdom Brugge).
1890 - Start van een filiaal in Middelkerke (tot 1992).
1891 - Aanvang van een filiaal in Proven (tot 1938) en in Wulpen (tot 1945). In Moorslede openen de zusters een betalende jongenschool, het "Klein College" op de hoek van de Gentstraat en de Kerkhofstraat.
1892 - Oprichting van een kloosterfiliaal met lagere school in Knokke-Heist.
1893 - Start van een filiaal in Krombeke (tot 1945). De Congregatie beschikt voortaan over een eigen geestelijke directeur, benoemd door de bisschop. De eerste is Polydoor vander Meulen.
1894 - Na de aankoop van het aanpalende pastorie-domein worden compleet nieuwe klooster- en internaatsgebouwen opgetrokken, met kapel, directeurswoning en weeshuis.
1895 - Plechtige inwijding van het nieuwe gebouwen-complex. De Congregatie telt precies 100 leden. In datzelfde jaar opent een lagere huishoudschool haar deuren en wordt in Mariakerke-Oostende een nieuw filiaal opgestart.
1898 - De zusters uit Westouter gaan les geven in de Brabantschool, op het Poperingse gehucht "Den Brabant". Na WO I wordt de school geleid vanuit Poperinge (tot 1961).
|