
ruiterbeeldje van Keizer Karel (afkomstig van Metz, einde 9de eeuw. Parijs, Louvre)
Een uniek exemplaar van de bronsgieterij uit de tijd van de Karolingers is dit kleine bronzen ruiterbeeldje van Karel de Grote (afkomstig uit Metz, einde van de 9de eeuw. Parijs, Louvre), getooid met open bandkroon, rijksappel en zwaard: het gaat hier overduidelijk om een verkleinde weergave van een Romeins ruiterstandbeeld, maar de Frankische kunstenaar keek ook naar de werkelijkheid van zijn tijd: de vorst heeft een Germanenhoofd en draagt germaanse kleding..

bronzen ingangdeuren, met 2 wolvenkoppen, van de Dom in Aken
In de weinige bronzen kunstwerken die overgebleven zijn uit de karolingische tijd, o.m. deze bronzen deuren van de Dom in Aken, spreekt duidelijk het laatklassieke model: evenwichtige vlakverdeling, omlijstingen met rustig en geordend onnament (akantbladeren, eierlijst).

bronzen borstwering binnenin de Dom van Aken

bekleding van het Volvinius-altaar in de San Amrosio van Milaan
Het grootste nog bestaande karolingisch edelsmeedwerk is de zogeheten "paliotto" of altaarbekleding van de Sint-Ambrosiuskerk in Milaan (gemaakt rond 850 door de Frankische edelsmid Wolvinius).De vier zijden van het altaar zijn bekleed met vlakgedreven zilveren reliëfs: aan de voorzijde het leven van Jezus met in het midden de Byzantijnse voorstelling van Christus op zijn troon ('Majestas Domini'); op de achterwand het leven van de H. Ambrosius, bisschop van Milaan (339-397); op de twee zijwanden de verering van het H. Kruis, waarvan een relikwie werd bewaard in de kerk. Deze altaarbekleding is de voorloper van de in beelden uitgewerkte bijbel op de portalen, kapitelen en glasramen van de latere romaanse en gotische kerkgebouwen.

Christus op zijn troon (Majestas Domini) op de boekplat van de Codex Aureus
uit Reims of St. Denis, circa 870 (München, Baeyerische Staatsbibl.)