De romaanse St.-Veronakapel
in Leefdaal 


 startpagina
 geografische situering
 reisroute
 de geschiedenis
   • het Steentijdperk
   • de Romeinse tijd
   • de Merovingers
   • de Karolingers
   • de Middeleeuwen
   • het verval (XV-XVIII e.)
   •de Moderne Tijd
 beschrijving van de kapel
   • de plattegrond
   • de constructie
   • de versiering
 de H. Verona
   • de H. Verona-legende
   • de H. Hubertus-legende
   • de verering
 de Verona-wandeling

 de merovingische kunst
   • het tijdskader
  • de kenmerken
  • de bouwkunst
  • de beeldhouwkunst
  • de miniaturen
  • het edelsmeedwerk

 de karolingische kunst
  • het tijdskader
  • de kenmerken
  • de bouwkunst
      - centraalbouw
      - basilica-kerken
      - crypten
      - kloosters
      - profane gebouwen
  • het edelsmeedwerk
  • de ivoorsnijkunst
  • de miniaturen
  • de muurschilderingen

 de romaanse kunst
  • religieuze aspect
  • het tijdskader
  • de bouwkunst
     - karakteristieken
     - de plattegrond
     - de constructie
     - de versiering
     - scholen in Europa
     - ons land
        - Maaslandgebied
           - kenmerken
           - voorbeelden
        - Scheldegebied
           - kenmerken
           - voorbeelden
     - crypten
     - kloosters
     - profane gebouwen
  • de beeldhouwkunst
       - portalen
       - tympanen
       - kapitelen
       - bas-reliëfs
  • de houtskulptuur
       - cultusbeelden
       - kruisbeelden
       - Maria-beelden
  • de ivoorsnijkunst
  • het metaalgietwerk
  • de edelsmeedkunst
       - in het maasland
       - reliekschrijnen
       - liturgie
       - boekbanden
  • de schilderkunst
       - miniaturen
       - fresco's
       - houtschildering
  • de glasramen
  • de weefkunst

 woordenschat
 links
 publicaties

scholen in de romaanse bouwkunst

[<< vorige]  Duitsland | Frankrijk | Italië | Spanje | Engeland | Nederland |  [volgende >>]

frankrijk


Ste.-Foy in het Zuidfranse Conques, langs de bedevaartsweg naar Compostela

De vrij talrijke romaanse bouwscholen in Frankrijk kunnen in twee grote subgroepen worden opgedeeld: de scholen bezuiden de Lire (die met steen overwelven) en de scholen benoorden de Loire (die met hout overzolderen).

ten zuiden van de Loire


    de voormalige kloosterkerk van St.-Nectaire

  1. De school van Auvergne kwam al vroeg tot ontwikkeling . De kerken van deze school (pseudo-basilieken met zijbeukgalerijen), zijn overkluisd met tongewelven, waarvan de drukking op de middenbeuk wordt geschoord door de gewelven van de boventribunes. Een mooie brok architectuur vormt de koorpartij, met haar trapsgewijze groepering van kapellen, koornis, viering en toren. Voorbeelden vindt met in Clermond-Ferrand (Notre-Dame-du-Port), in Issoire (St.-Austremont) en in St.-Nectaire (de voormalige kloosterkerk). Uitlopers van deze school zijn St.-Sernin in Toulouse en Ste-Foy in Conques, twee grote kerken op de bedevaartsweg naar St.-Jakob van Compostela.


    Notre-Dame-la-Grande in Poitiers

  2. In het Zuid-Westen (Poitou) overheerst vanaf de 12de eeuw de met tongewelven overkluisde hallenkerk met 3 nagenoeg even hoge beuken. De gevel van de meeste van deze kerken is rijk versierd met met blindbogen en sculptuur, zoals de Notre-Dame-la-Grande in Poitiers, een de Ste-Croix kerk in Bordeaux.


    de St.-Front kerk in Périgueux

  3. In de streek van Périgord en Saintonge vindt men prachtige, meestal éénbeukige, koepelkerken, zoals St.-Front en St.-Etienne in Périgueux, de Notre-Dame kerk in Angoulême en de kerken in Cahors en Solignac.


    abdijkerk (ca.1160) van St.Gilles-du-Gard

  4. De kerken in de Provence zijn meestal met tongewelven, soms spitsbogige, overkluisd, waarvan de drukking, bij meerbeukige kerken, meestal wordt geschraagd door de halve- of kwart-tonggewelven van de weinig lagere zijbeuken. Vel kerken hebben echter slechts één beuk (= zaalkerken). De vormgeving van zuilen en pilasters, de friezen en frontons en vooral het beeldhouwwerk van de portalen verraden de invloed van de antieke monumenten, die in deze streek talrijk voorhanden zijn. De merkwaardigste kerken van deze school zijn: St.-Trophime in Arles, de abdijkerk in St.-Gilles-du-Gard, Montmajour en de kathedraal van Avignon.


    maquette van de abdijkerk van Cluny, nagenoeg helemaal verwoest tijdens de Franse revolutie.
    Enkel de zuidelijke transeptarm blijft nog overeind

  5. De belangrijkste Zuidfranse bouwschool is die van Bourgondië. De Bourgondische kerken zijn gekenmerkt door een rijke pijlergeleding en een overvloedige plastische versierring. Het proto-type van de gebouwen van deze school is de thans vrijwel helemaal verdwenen abdijkerk van Cluny (1080), een vijfbeukige kerk, met diepe voorhal, dubbele dwarsbeuk, kooromgang, kapellenkrans en rijke torencompositie.


    de abdijkerk van Paray-le-Monial
    met koepeltoren, presbyterium, koor, kooromgang en straalkapellen

    Dit plan, werd in vereenvoudigde vorm nagevolgd door o.m. de abdijkerk van Paray-le-Monial en de Notre-Dame kerk in Beaune. In Bourgondië overkluist men


      de kathedraal St.-Philibert in Tournus

    • met dwarse tongewelven, zoals de St.-Philibert kerk in Tournus


      interieur van de Ste-Madeleine kerk van Vézelay
      met gekleurd materiaal in de moerbogen een rijke versiering (kapitelen)

    • met kruisgewelven, zoals de Ste-Madeleine kerk in Vézelay


      interieur van de abdijkerk van Paray-le-Monial

    • met spitsbogige tongewelven zodat de beuk rechstreeks kan verlicht worden, zoals in Paray-le-Monial.

ten noorden van de Loire


    de Ste-Trinité abdijkerk, "l'Abbaye aux Dames", in Caen

  1. De belangrijkste school hier is die van Normandië. De Normandische kerken, enorme basilieken met gewoon Benedictijner koorplan (geen omgang, kapellen van ongelijke diepte), onderscheiden zich door een statige sobere buitenarchitectuur: een open westgevel, geflankeerd door twee torens (prototype van de latere Gotische westfacades), een vierkante vieringtoren, rondbooggalerijen en geometrische motieven. De harmonische en expressieve binnenarchitectuur wordt gekenmerkt door drie verdiepingen (zijbeukgalerijen), met ritmische steunenwissel en krachtig verticalisme van de schalken.


    de middenbeuk van de St.-Martin abdijkerk in Boscherville

    De zijbeuken zijn overwelfd met graatgewelven, terwijl de middenbeuk nagenoeg overal ongewelf blijft tot aan de gotiek. De versiering (geometrische motieven) die overigens zeer sober is, staat in verband met het Keltisch en Iers versieringssysteem.


    ruïnes van de Notre-Dame abdijkerk in Jumièges

    Vanuit Normandië drong deze stijl binnen in Engeland. De bekendste voorbeelden zijn de twee abdijkerken in Caen (La Ste-Trinité en St.-Etienne), die van Jumièges en Boscherville en de kathedraal in Bayeux.


    de kerk van de abdij Notre-Dame-du-Bec in Le Bec-Hellouin, met de toren op de viering


    de kerk van Saint-Loup-de-Naud, model voor het Schelderomaans

  2. In meer dan één opzicht verwant met de Normandische school, zijn de kerken van Noord-Frankrijk (Picardië, Ile-de-france, Champagne), die, hoewel ze geen eigenlijke bouwschool vormen, hier toch een eervolle vermelding krijgen omdat ze hun invloeden lieten gelden op de romaanse bouwkunst in Vlaanderen (het Scheldebekken).


    het middenschip van de St.-Remi kerk in Reims

    De regel hier, zowel bij kleine als bij grotere kerken, is het grondplan in de vorm van een Latijns kruis. Westtorens zijn een uitzondering: in het algemeen staat de toren boven de viering (= de kruising tussen middenscip en oostelijke dwarsbeuk), soms boven het koor. Grotere kerken, zoals St.-Remi in Reims en de kathedralen van Cambrai en Noyon hebben gewoonlijk tribunes boven de zijbeuken. Alle kerken waren oorspronkelijk ongewelfd.

[<< vorige]  Duitsland | Frankrijk | Italië | Spanje | Engeland | Nederland |  [volgende >>]

© Copyright 2005-2007. Alle rechten voorbehouden. Contact: Wim Wylin